Familie van vermoorde Anna Heemenga (85) wil dna-onderzoek

4578
Nabestaanden Juliette en Hennie. Foto: Jolande van der Graaf

Nabestaanden van de, vandaag precies 25 jaar geleden overleden Anna Heemenga (85) willen dat justitie alsnog met een dna-daderspoor op zoek gaat naar haar moordenaar. “Het is ons heel veel waard wanneer de dader wordt opgespoord en het recht zijn beloop krijgt”, zeggen Anna’s dochter Hennie en kleindochter Juliette.

Onlangs berichtte ik op deze site dat de weerzinwekkende moord op de hoogbejaarde, Groningse vrouw volgens toenmalige cold caserechercheurs hoogstwaarschijnlijk is op te lossen met dna-onderzoek.

Zo is er de mogelijkheid van zogeheten Y-chromosomaal onderzoek, beter bekend als ‘dna-verwantschapsonderzoek’, waarmee de moordenaar ook via zijn mannelijke familieleden te traceren valt. Net als in het verleden gebeurde in de zaak-Marianne Vaatstra, dienen mannen in de omgeving van de toenmalige plek van het misdrijf dan hun dna af te staan.

Kans

De kans is volgens oud-rechercheur Dick Gosewehr en de toenmalige politiepsycholoog Harrie Timmerman groot dat de dader dan alsnog kan worden geïdentificeerd. Dick en Harrie maakten in het verleden deel uit van het cold caseteam van de politie Groningen. De moord op Anna Heemenga is een van de onopgeloste zaken die zij tegen het licht hielden.

Voor de nabestaanden van het hoogbejaarde slachtoffer is het van groot belang dat er een einde komt aan de onzekerheid. “Het mag dan 25 jaar geleden zijn; er gaat geen dag voorbij dat ik niet aan mijn moeder moet denken”, vervolgt dochter Hennie (77).

Ook Juliette wordt vaak herinnerd aan de vreselijke zomer van 1995 toen haar oma in eigen huis werd aangevallen, in een coma raakte en op 10 augustus dat jaar aan haar verwondingen kwam te overlijden. “Mijn oma heeft zo’n afschuwelijk einde niet verdiend”, vindt Juliette. “Ze was een enorm lieve en warme vrouw. Open, eerlijk en altijd met een grote interesse voor haar medemens.”

Groningen

Als kind had Juliette vaak bij oma Anna gelogeerd. “Dan nam ze me mee naar ‘de grote stad’, naar Groningen, om samen te winkelen. Het hoogtepunt van zo’n dagje uit met oma was steevast een hapje eten bij de Hema. Die uitstapjes met haar waren geweldig. Het zijn van die momenten uit je jeugd die je nooit vergeet.”

Anna en haar man Engbert in gelukkiger tijden… Eigen foto

Anna en haar man Engbert woonden in Zuidwolde, een dorp onder de rook van Groningen-stad. Engbert had jarenlang de kost verdiend als kweker. Toen de oogsten terugliepen, diende hij noodgedwongen over te stappen naar de bouw.

Engbert stierf in 1983. Het plotselinge overlijden van haar man was niet het enige onheil dat op Anna’s pad kwam. Ze kreeg kanker, een van haar borsten moest worden afgezet. “Daar was mijn oma altijd heel transparant over”, kijkt Juliette terug. “Ze was erg vooruitstrevend op dat punt en maakte geen geheim van wat haar was overkomen.”

Bekommerden

Anna bleef aan de Beijumerweg in Zuidwolde wonen, familieleden die in de omgeving verbleven bekommerden zich om haar.

Met het verstrijken van de jaren kwamen diverse lichamelijke gebreken. Zo was Anna’s gehoor steeds slechter geworden.

“Zonder gehoorapparaat hoorde mijn moeder praktisch niets meer”, vertelt Hennie. “Ze had bovendien moeite om via de smalle trap bij haar slaapkamer op de eerste verdieping te komen. Mijn zwager heeft toen een bedstee op de begane grond voor haar in orde gemaakt.”

Gordijnen

Daar werd de toen 85-jarige vrouw op de ochtend van donderdag 29 juni 1995 dodelijk gewond aangetroffen. Hennie: “Ze had die morgen de gordijnen in haar woonkamer niet geopend. Dat was een teken voor mijn schoonzus dat er iets aan de hand moest zijn. Ze is toen meteen poolshoogte gaan nemen. Ik kan het nog steeds niet bevatten hoe vreselijk mijn moeder eraan toe was.”

Het slachtoffer werd dodelijk gewond aangetroffen in de bedstee van haar toenmalige woning in het Groningse dorp Zuidwolde. Eigen foto

Anna lag badend in haar bloed in bed. De verwondingen die de oude dame had opgelopen, waren extreem. Letterlijk elk bot in haar hoofd bleek gebroken, de vingers van haar handen vertoonden meerdere snijwonden.

De dader moet een scherp voorwerp hebben gebruikt waartegen Anna zich heeft willen verweren, stelde een schouwarts later vast. De hoofdwonden van de Groningse hadden volgens de medicus een typerende stervorm. Het bleef echter een raadsel welk voorwerp de dader als moordwapen heeft gebruikt.

Twijfelden

Voor de nabestaanden werd al snel duidelijk dat er meer achter de aanval op Anna moest zitten. “Ik herinner me dat de zussen van mijn moeder al meteen twijfelden aan de uitleg van de politie dat het om een beroving ging. Zij hadden het vermoeden dat er meer aan de hand was. Dat is niet anders geworden,” aldus Hennie.

Uit Anna’s woning bleek niets te zijn verdwenen, behalve een kettinkje dat het slachtoffer droeg en dat weinig waarde vertegenwoordigde. Anna’s portemonnee lag gewoon in de woonkamer. Spaargeld dat zij in een sok bewaarde bleek eveneens in huis te zijn.

Hennie: “Ook het geld dat ik voor mijn moeder had gehaald vanwege haar aanstaande verjaardag ontbrak niet. Vijfhonderd gulden. Het lag nog gewoon in haar nachtkastje.”

Inbraak

De achterdeur van Anna’s huis vertoonde sporen van een inbraak. Omdat een buurvrouw de avond ervoor, 28 juni ’95, rond tien uur een gil had gehoord, wordt aangenomen dat Anna rond die tijd is aangevallen.

Op de plek van het misdrijf stelde de politie een vingerspoor veilig. Een vergelijking met vingerafdrukken van bij politie en justitie bekende criminelen leverde niets op. Uit een schaamhaar die op het slachtoffer lag, werd een dna-profiel gehaald. Het leidde niet tot matches in de dna-databank. De politie ging er in die tijd vanuit dat de schaamhaar op Anna terecht was gekomen toen hulpverleners zich over haar ontfermden.

Jongeman

In het ziekenhuis vocht Anna voor haar leven. Ze kwam niet meer bij bewustzijn. Van het verplegend personeel hoorde de politie destijds dat enkele dagen na haar opname een jongeman had gebeld die zich voorstelde als een kleinzoon en naar de toestand van zijn oma informeerde. Toen hem om de naam van zijn grootmoeder werd gevraagd, gaf hij geen antwoord. De jongeman had evenmin zijn eigen naam willen noemen.

Het onderzoeksteam van de politie slaagde er niet in te achterhalen wie er had gebeld. Zes weken na het gruwelijke misdrijf werd het dossier als onopgeloste roofmoord gesloten.

Andere uitkomsten

Dick Gosewehr en Harrie Timmerman kwamen in 2003 tijdens onderzoek voor het cold case team van de politie Groningen tot andere uitkomsten. Volgens hen is de schaamhaar een aanwijzing dat Anna ten prooi viel aan een zedenmisdadiger.

Het komt vaker voor dat seksuele delicten tegen oudere vrouwen worden gepleegd. Meestal zijn de daders jongens of jonge mannen uit de omgeving van het slachtoffer. Zij hebben over het algemeen weinig of geen seksuele ervaring en zoeken een makkelijk slachtoffer.

Omgeving

Zo verkrachtte en vermoordde de 17-jarige Jaco van K. in december 2002 in het Zeeuwse Sint Philipsland zijn buurvrouw Co Serné (80). Van K. viel uiteindelijk door de mand na dna-onderzoek onder tientallen mannen in de omgeving van het misdrijf. Hetzelfde gebeurde in de zaak van Johanna van Offeren uit Emmen, misbruikt en omgebracht in februari 2003. De moordenaar bleek een 29-jarige man, Erik W. Hij woonde vlakbij het slachtoffer.

Ook in het dossier-Anna Heemenga doen verschillende feiten vermoeden dat haar beul zich in haar directe omgeving moet hebben opgehouden en allerlei dingen van haar afwist. Zo nam de dader op die juniavond 25 jaar terug het risico om de woning aan de Beijumerweg binnen te dringen terwijl het nog niet donker was. Het kraken van de deur moet bovendien lawaai hebben gemaakt, maar de insluiper was er kennelijk van op de hoogte dat de bewoonster vaak vroeg ging slapen en zonder haar gehoorapparaten nagenoeg stokdoof was.

Gestoord

Ook het vele geweld dat tegen Anna is gebruikt, vertelt ons iets over de dader. Er valt natuurlijk niet uit te sluiten dat hij ernstig gestoord is, maar aannemelijker is het dat hij zeker wilde weten dat Anna om het leven kwam. Ook het telefoontje naar het ziekenhuis wijst daarop: kennelijk was de dader bang dat zijn slachtoffer de aanval had overleefd en hem kon aanwijzen.

“Die onzekerheid moet hem naar de telefoon hebben doen grijpen. Hij deed voor Anna’s kleinzoon te zijn. Opnieuw een aanwijzing dat het om een toen jonge dader gaat”, denkt Dick Gosewehr.

Toen Anna – bovenstaande foto dateert van kort voor haar dood – in het ziekenhuis lag, pleegde een onbekende jongeman een verdacht telefoontje met het verplegend personeel. Eigen foto

Het feit dat de beller Anna’s naam niet noemde, valt niet eenduidig uit te leggen. Het kan zijn dat de dader die naam niet wist en dat hij daarmee dus niet tot de directe omgeving behoorde. Een andere mogelijkheid is dat hij wellicht bang was dat hij gemakkelijker was op te sporen indien hij liet weten dat hij op de hoogte was van de identiteit van het slachtoffer.

Analyse

Harrie en Dick kregen destijds niet de kans om nieuw onderzoek te gaan doen. Zij hadden als klokkenluiders ernstige misstanden naar buiten gebracht en werden door de politie uit het cold case team gezet. Toch is hun analyse later gebruikt door hun opvolgers. In 2010 heropende een volgend cold case team van de politie het onderzoek en liet weten uit te gaan van een verkrachter als moordenaar. Ook dat onderzoek bracht helaas geen nieuwe resultaten. In 2017 verscheen Anna’s zaak in de cold casekalender van dat jaar. Opnieuw bleef het stil.

Nog steeds is er een cruciaal spoor dat niet eerder is ingezet: het dna uit de schaamhaar. Het dna-profiel kan uiteraard ook een-op-een worden vergeleken met genetisch materiaal van mogelijke verdachten. Het zou de moeite lonen als de politie bijvoorbeeld bekijkt welke jongeren zich destijds in Anna’s omgeving ophielden. Tijdens ons onderzoek naar deze zaak kwamen wij recent zo’n potentiële verdachte op het spoor. Hij is met een dna-vergelijking eenvoudig uit te sluiten.

Werk

Anna’s dochter Hennie en kleindochter Juliette hopen dat het OM alsnog werk gaat maken van de dna-sporen.

Hennie emigreerde jaren geleden naar Duitsland maar is het drama rond haar moeders dood nooit te boven gekomen. “Je denkt dat je er, door weg te gaan, beter mee kunt leven. Niets is minder waar. Ik kan het simpelweg niet afsluiten omdat het niet is opgelost”, zegt zij. Ook voor Juliette is de moord op haar oma een open wond gebleven. “Bovendien loopt de dader nog altijd vrij rond. Wie zegt dat hij niet opnieuw toeslaat?”

Afgelopen week legde ik de zaak voor bij het OM in Groningen. Een reactie van justitie wordt binnen enkele dagen verwacht.

Steun de website Femke Fataal

Vond je dit een goed artikel? Laat dan je waardering blijken met een kleine bijdrage. Je kunt me ook met een vaste, maandelijkse bijdrage steunen. Dan kan ik onderzoek doen en schrijven en kun jij mijn verhalen blijven lezen. Dankjewel!

1 REACTIE

  1. Ben erg benieuwd naar de reactie van het OM. Deze zaak heb ik ook al eens bekeken en gemeld. Ik denk het motief seks van toepassing is in de vorm van een sadistische bevrediging. Naast inbrekerskwaliteit en het feit dat er nagenoeg niets is meegnomen is deze zaak vergelijkbaar met zaken zoals Cornelia Van den Bergen-Groenewold 1991, Peternella Hanegraaff 1996, Rudolphine De Ranitz 1991 en Miet van Bommel 1995.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.