Moordvrouwen in Nederland: Sloeg Angelique van E. wel écht toe?

1004
De zwangere Angelique zou baby Risanne uit haar bedje hebben gehaald en hebben verdronken. Afbeelding ter illustratie. Image by freestocks-photos from Pixabay

Angelique van E. ging jarenlang de cel in wegens een kindermoord. Maar is dat terecht? Hoort Angelique wel thuis in een overzicht van vrouwelijke moordenaars in Nederland? Of kan het zijn dat zij onschuldig achter de tralies belandde en dat iemand anders de babymoord pleegde? Een terugblik met onder anderen Angeliques toenmalige advocaat en een van de raadsheren die haar destijds veroordeelden.

Twijfels

De twijfels over het aandeel van Angelique van E. in de, in 1999 gepleegde moord op het eenjarige meisje Risanne in het Friese Appelscha zijn nooit weggenomen. “Dit dossier zit ons nog altijd niet lekker”, aldus Angelique’s vroegere advocaat Hans Anker. “Als er van alle zaken die ons kantoor de afgelopen veertig jaar behandelde één bij is die voor herziening bij de Hoge Raad in aanmerking komt, dan is het deze. Dat zegt wat, vind ik.”

Rechtspsycholoog Peter van Koppen schreef er in het verleden een boekje over: ‘De Appelschase babymoord, een misdrijf met slechts één verdachte’. Ook oud-rechercheur Dick Gosewehr en jurist Hans Groenewegen, die Angelique’s echtgenoot Jelle bijstond, bestudeerden het dossier. Allen menen dat het om een gerechtelijke dwaling kan gaan.

Huilbaby

Het verhaal voert terug naar maandag 20 september 1999, de dag die de dertien maanden oude baby Risanne niet zal overleven.

De kleine Risanne is een echte huilbaby. Ze kan haar moeder Johanna en vader Patrick met haar non-stop gekrijs soms tot wanhoop drijven. Ook op de avond van haar dood wil de baby niet slapen en halen de ouders het meisje naar beneden. Patrick gaat dan naar de bibliotheek, Johanna spoelt wat kinderspeelgoed schoon in de gootsteen.

Als Risannes vader na een tijdje terugkeert, maken hij en zijn vrouw hun dagelijkse avondwandeling van een kwartiertje met hun teckel. Zij laten Risanne thuis.

Bij thuiskomst doen de ouders een verbijsterende ontdekking. Hun dochtertje blijkt uit haar bedje te zijn verdwenen. Ze moet volgens Johanna en Patrick uit de woning zijn ontvoerd.

Kidnapscenario

De politie wordt om 21.56 uur gealarmeerd en gaat direct uit van het door de ouders geschetste kidnapscenario. Agenten stuiten ruim een uur later op het lichaampje van de baby. Het meisje drijft in haar trappelzak in een stinkende sloot, achter haar ouderlijk huis. Over de doodsoorzaak bestaan geen misverstanden: Risanne is omgebracht. Het kindje was immers nog niet in staat om zelf uit haar bed te klimmen en naar het water te lopen.

Familieleden en Johanna’s hartsvriendin, de dan vijf maanden zwangere kraamverzorgster Angelique van E. uit Waskemeer en haar man Jelle spoeden zich in die uren naar Appelscha om het zwaar getroffen ouderpaar te steunen.

Plotseling krijgt de zaak een heel andere wending, als een broer van Johanna de politie die avond op mogelijke betrokkenheid van de dan 30-jarige Angelique wijst. Want Angelique heeft ‘zo’n vreemde blik in haar ogen’, vindt hij.

Motief

Vier dagen later slaat de recherche de zwangere Angelique daadwerkelijk in de boeien. De speurders zien een motief in het feit dat de Waskemeerse eerder zelf een zoontje aan wiegendood verloor. Sinds de dood van het jongetje, redeneert het onderzoeksteam, moet Angelique ziekelijk jaloers zijn geweest op Johanna.

De moordenaar van Risanne kent de gewoontes en het huis van de ouders bovendien door en door, denkt de politie. Angelique past precies in dat plaatje. Ze wordt ervan beschuldigd zeker acht keer bij Johanna te hebben geïnformeerd naar het tijdstip van de dagelijkse avondwandeling.

Het bewijs tegen Angelique is dun. Flinterdun zelfs. Er zijn geen vingerafdrukken en geen voetsporen van haar in en rond het huis. Dna-onderzoek wordt niet gedaan. Ook in haar auto zijn er geen sporen, zoals modder of haren. Op een van Angelique’s jassen vindt de technische recherche een vetzuurvlek die afkomstig zou zijn van babybraaksel. De vlek wordt vergeleken met de maaginhoud van baby Risanne. Het onderzoek levert geen eenduidig resultaat op. Angelique zegt tijdens een verhoor dat het niet haar jas is, maar die van haar man Jelle.

Emotioneel

Volgens de recherche heeft de kraamverzorgster nog voordat Risannes dood bekend was gemaakt, al tegen haar broer gezegd dat het kind was verdronken. Getuigen weerspreken dat, maar de recherche is ervan overtuigd. Daar komt bij dat Angelique in de ogen van de rechercheurs zeer emotioneel reageert. Het onderzoeksteam beschouwt dat als buitengewoon verdacht.

Één getuige is er. Het gaat om een zekere Dennis, buurman van Risannes ouders. Dennis vertelt in vijf verklaringen dat hij rond het moordtijdstip een vrouw in een rode jas bij de woning van Johanna en Patrick zag rondscharrelen. Qua postuur en in haar bewegingen lijkt ze precies op Angelique, vindt Dennis.

Opnieuw lijken veel zaken niet te kloppen. Zo draagt Angelique haar haar in die tijd kort, terwijl Dennis spreekt van een langharige vrouw. Zijn verklaringen worden op dat punt steeds tegenstrijdiger. Het ene moment heeft hij het over een vrouw die lang, donker haar los en tot over de schouders droeg. Een tijdje later weet Dennis opeens zeker dat het haar in een paardenstaart zat. Dan heeft hij het over een pruik met kort haar en blonde lokjes. Vervolgens spreekt hij over los haar, maar of dat kort of lang was, kan hij zich niet herinneren.

Nooit aangetroffen

Hans Groenewegen: “Ook de jas die deze getuige beschreef, is nooit bij Angelique aangetroffen. De jas met de vetzuurvlek had trouwens een andere kleur.”

Over de lengte van de vrouw die hij zag, is Dennis evenmin helder. In eerste instantie rept hij over een vrouw van 1.75 meter. Als Angelique is opgepakt, stelt hij dat in zijn laatste verklaring bij naar een vrouw van 1.60 meter, precies de lengte van de verdachte. En het ene moment vertelt Dennis dat de vrouw in de straat iets met beide handen droeg, terwijl hij er later honderd procent zeker van is dat ze niets vasthield.

“We hebben tijdens de rechtszaak en het hoger beroep uiteraard gaten in die verklaringen geschoten”, kijkt advocaat Anker terug. “Alles hebben we daarbij op een rijtje gezet. De onbetrouwbare getuigenissen van getuige Dennis konden in onze visie onmogelijk bewijs voor betrokkenheid van onze cliënte vormen.”

Zwaaien

Haaks op Dennis’ beweringen staat ook het relaas van de vader van Angelique. Hij woont tegenover haar in Waskemeer en zegt zijn dochter rond het tijdstip van de Appelschase moord vanachter haar woonkamerraam te hebben zien zwaaien naar haar man Jelle. Dat heeft hij nog aan zijn vrouw vertelt, voegt hij toe. Onmogelijk, aldus de Fries, dat zijn dochter de baby ombracht.

Een buurman in de straat bevestigt dat verhaal. Ook hij is zeker dat Angelique’s auto, een groene Skoda Felicia Stationcar, niet is weggeweest. Anders had hij een oplichtende achteruitrijlamp en bij thuiskomst het schijnsel van koplampen gezien.

Angelique zelf kan de recherche precies vertellen wat ze die avond thuis in Waskemeer, tussen kwart voor negen en kwart over tien, heeft gedaan. Zo weet ze nog dat ze rond 21.45 uur het licht op haar overloop aandeed. Haar broer die op dat moment naar het nabij gelegen familiebedrijf fietst, ziet dat en bevestigt het tijdstip.

Scene

Opvallend is dat Angelique heel exact een scene in een televisiefilm beschrijft. Het staat vast dat dit deel van de film om 22.09 uur op tv te zien was. Haar advocaat voert tijdens het strafproces dan ook aan dat ze een waterdicht alibi heeft.

Oud-rechercheur Dick Gosewehr ziet in het dossier meer bijzondere feiten. Zo zijn er aanwijzingen dat Johanna thuis was op het moment dat haar kind verdween. “Er is een getuige die op de bewuste avond in Appelscha alleen Patrick met de hond heeft zien wandelen. Johanna was er volgens deze persoon helemaal niet bij”, aldus Dick Gosewehr.

Hoe logisch is het, dat een ontvoerder Risanne uit haar bedje roofde en keurig de slaapkamer sloot terwijl hij of zij zich snel uit de voeten wilde maken? Afbeelding ter illustratie. Image by Pexels from Pixabay

Treffend zijn volgens Hans Groenewegen en Dick Gosewehr de omstandigheden in Risannes slaapkamertje. Omdat het kind allergisch was voor katten, was de deur van de babykamer altijd gesloten. Haar ouders zeggen het kamertje na de verdwijning met dichte deur te hebben aangetroffen. Dick: “Hoe logisch is het dat een ontvoerder een baby uit bed rooft en keurig de slaapkamerdeur sluit als hij of zij zich snel uit de voeten wil maken?”

Opmaakt

Nog vreemder is het dat een getuige die onmiddellijk na de babyvermissing ter plekke is, constateert dat Risannes bed niet lijkt te zijn beslapen. Dat een kinderrover ook nog eens het bed van zijn slachtoffer opmaakt en dan pas de benen neemt, komt wel heel ongeloofwaardig over.

Angelique is consequent en consistent: ze was niet in Appelscha ten tijde van de moord, zegt ze. Wel biecht ze later op, dat ze thuis de kleertjes had bekeken van haar zoontje wiens dood zij niet kon verwerken. Dat had ze lang verzwegen uit schaamte en vanwege haar man die zulk gedrag niet fijn vond.

Verder vertelt ze over het feit dat Johanna na afloop van de begrafenis van haar zoontje tegenover haar zou hebben opgemerkt: ‘Was het Risanne maar geweest en niet jouw kind.’

Munchhausen by proxy

Tijdens haar voorarrest, begin 2000, bevalt Angelique in het penitentiair ziekenhuis van een dochtertje. Rond de pasgeborene ontstaat veel strijd. Justitie wil dat de baby bij haar moeder wordt weggehaald, omdat Angelique zou lijden aan de ziekte Von Munchhausen bij proxy. Dat is een ziektebeeld waarbij een ouder zijn of haar kind iets aandoet om zelf aandacht te krijgen.

Hans Groenewegen bijt zich als een terriër vast in het psychiatrische rapport. “Ik ontdekte dat het in opdracht van de rechter-commissaris was opgesteld door een psychiater die al eerder in een rammelend rapport een moeder onterecht als Munchhausen-patiënte neerzette. Ook dit rapport klopte van geen kanten. De psychiater had Angelique, net als die andere vrouw, zelfs niet gezien of gesproken.”

Angelique’s man Jelle reageert er woest op in NRC Handelsblad. Advocaat Anker vecht de kwestie aan bij het Medisch Tuchtcollege. Toenmalig Justitieminister Benk Korthals grijpt uiteindelijk in. Hij houdt de scheiding van moeder en kind tegen en laat de beperkende bajesmaatregelen opheffen.

Vrije

In maart 2000 komen Angelique en haar kindje op vrije voeten. Hans Groenewegen spreekt haar in die periode drie keer. “Ik vond Angelique een volkomen normale vrouw die stevig in haar schoenen stond, maar uiteraard wel erg angstig was door alles wat haar was overkomen. Haar verklaringen waren steeds consistent.”

Aan de vooravond van de behandeling van haar strafzaak door de rechtbank in Leeuwarden spreekt Angelique met NRC Handelsblad. “Ik ben onschuldig”, benadrukt ze dan. “Ik heb vrijwillig dna afgestaan. Dat zegt toch alles?”

Ook het OM realiseert zich weinig in handen te hebben. Officier van justitie Brouwer stelt in een kranteninterview het maar een lastige zaak te vinden. “De verdachte ontkent van meet af aan. We hebben een getuige op afstand en er is wat technisch bewijs.” Toch zet het OM de strafrechtelijke vervolging door.

Bewijsmateriaal

“Liefst 4,5 uur duurde ons pleidooi”, kijkt advocaat Hans Anker terug op de inhoudelijke behandeling van het strafdossier. “Dat doen we lang niet in elke zaak, we pleiten niet langer dan noodzakelijk. Hier hebben we er werkelijk álles bij moeten halen omdat er heel weinig bewijsmateriaal is.”

Achttien jaar cel eist officier Ten Kate op donderdag 29 juni 2000 voor de rechtbank tegen Angelique. De officier noemt haar “een doortrapte, criminele geest” en voert aan dat ze de ouders heeft willen straffen voor het alleen laten van hun kinderen. Maar de rechtbank maakt daar twee weken later korte metten mee en spreekt de Waskemeerse vrij bij gebrek aan bewijs.

Het hoger beroep, een jaar later, levert een totaal tegengesteld oordeel op en pakt anders uit voor Angelique. Er wordt twaalf jaar tegen haar geëist, het gerechtshof in Leeuwarden legt haar op maandag 29 januari 2001 acht jaar cel op. Weer verdwijnt ze achter tralies. Dit keer jarenlang.

Dwaling

Is Angelique het slachtoffer van een gerechtelijke dwaling? Die vraag wordt waarschijnlijk niet beantwoord, omdat zij volgens Hans Anker geen herziening wil. “Nog altijd hebben we problemen met de door het hof toegepaste bewijsconstructie”, laat hij weten. “Erg teleurstellend vinden we het dat ook de Hoge Raad het arrest in september 2001 in stand liet.”

De voormalige rechter Wicher Wedzinga – een van de drie raadsheren die Angelique destijds bij het hof veroordeelden – wilde onlangs nog even voor mij terugblikken op dit dossier.

“De bewijsconstructie is met de grootst mogelijke zorgvuldigheid opgesteld”, zegt Wedzinga. “Waar alternatieve scenario’s reëel leken, is daaraan aandacht geschonken en zijn die uitgesloten in de bewijsconstructie. Of ontlastend bewijs is achtergehouden, weet ik niet. Een aanknopingspunt daarvoor is niet in het dossier te vinden. In beginsel moet de rechter op basis van het dossier oordelen.”

Kan het zijn dat Angelique wél onschuldig is en slachtoffer is van een gerechtelijke dwaling?

Daarover zegt de vroegere rechter: “Vanzelfsprekend is het per definitie altijd mogelijk dat er sprake is van een onterechte veroordeling. Ik gebruik liever niet het woord ‘gerechtelijke dwaling’ omdat dat misleidend is en suggereert dat de oorzaak van een dwaling aan de rechter is toe te rekenen. In ons inquisitoir strafprocesrecht is de rol van een rechter echter vooral beperkt tot die van regisseur van een verificatievergadering.”

Nieuw bestaan

Na haar vrijlating keren Angelique en haar partner Friesland de rug toe. In een ander deel van Nederland bouwen zij een nieuw bestaan op. Praten over de kindermoord in Appelscha wil de vroegere kraamverzorgster volgens haar advocaat Hans Anker niet meer.

Jurist Hans Groenewegen zegt door de jaren heen twee keer bevestigd te hebben gekregen dat Angelique niets met de moord te maken had. “Van een cipier in de bajes waar ze destijds zat. En later van een rechercheur uit het onderzoeksteam in de zaak-Appelscha. Deze politieman vertelde er vreselijk mee te zitten en niet meer naar de kerk te gaan. Omdat hij worstelt met zijn geweten.”

*Tips over deze zaak? Mail naar contact@femkefataal.nl

*Het vorige deel van Moordvrouwen in Nederland verhaalt over een SM-spel dat ontaardde in een bloedige misdrijf…

Steun de website Femke Fataal

Vond je dit een goed artikel? Laat dan je waardering blijken met een kleine bijdrage. Je kunt me ook met een vaste, maandelijkse bijdrage steunen. Dan kan ik onderzoek doen en schrijven en kun jij mijn verhalen blijven lezen. Dankjewel!

1 REACTIE

  1. Peter van Koppen heeft ook onderzoek in deze zaak gedaan.
    In zijn conclusie schrijft hij: Daarnaast moet de dader eenvoudig toegang hebben gehad tot het huis.
    Of hij moet de voordeursleutel hebben gehad, of de achterdeur moet hebben opengestaan. De dader kent ook de indeling van het huis.
    Het motief is niet seksueel en niet gewelddadig. Het lijkt erop dat de dader de ouders wilde straffen omdat zij hun kinderen alleen thuis achterlieten.
    Er zijn meer mensen dan Annemarie die aan die criteria voldoen. De kans dat Annemarie de dader is, is echter nogal klein.

    Ik ben het met Peter eens, het lijkt op emotionele wreedheid en gezien de omgeving is in mijn ogen Annemarie onschuldig

    https://research.vu.nl/ws/portalfiles/portal/2324341/De+Appelschase+babymoord-+Van+Koppen.pdf

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.