OM wil moordenaar alleen voor doodslag vervolgen

1075
Saskia Wolters

Het schandalige gedrag van de officier van justitie die ons uitlachte tijdens een pro formazitting tegen de moordenaar van mijn broer Joost, stond centraal in mijn vorige column.

Het nare hoongelach blijft in die tijd nog lang naklinken in mijn hoofd. We hadden als nabestaanden immers alleen om inzage in het onderzoeksrapport van het Pieter Baan Centrum (PBC) naar de dader gevraagd.

Veel tijd om erbij stil te blijven staan, heb ik echter niet in het voorjaar van 2018. De strafzaak tegen de dader, psychiatrisch patiënt Philip O., staat voor de deur. We zijn van plan als nabestaanden gebruik te gaan maken van het spreekrecht tijdens de zitting. Ik wil dus aan de slag met het schrijven van mijn betoog dat ik in de rechtszaal wil voordragen.

Vragen

Het probleem blijft dat we nog steeds niet alle antwoorden hebben op de vragen die we maanden eerder al aan de officier van justitie hebben gesteld.

Tijdens dat eerste gesprek met het Openbaar Ministerie kregen we de gruwelijke details van de moord op Joost te horen en kwamen we meer te weten over O. en zijn eindeloos lange strafblad. De officier zei het zich goed te kunnen voorstellen wanneer we op een later tijdstip misschien nieuwe vragen hadden. Ze beloofde dat we haar in dat geval altijd opnieuw konden benaderen.

Dat was een loze belofte. Een paar weken later hadden we inderdaad meer onduidelijkheden naar haar op papier gezet. Maar een reactie had op zich laten wachten. Steeds weer was het verhaal dat het OM geen tijd voor ons had.

Tegelijkertijd begrepen wij dat er wel degelijk meer duidelijkheid was gekomen tijdens het strafrechtelijk onderzoek tegen Philip O. Justitie wil die zaken kennelijk niet met ons delen en dat ervaren we als uitermate frustrerend.

Tweede gesprek

In april 2018 – bijna negen maanden nadat O. mijn broer heeft doodgestoken – kunnen we eindelijk voor een tweede keer met de officier van justitie om de tafel.

We vertellen haar over de bespreking die we eerder met het AMC hadden. Voor ons is het allemaal onbegrijpelijk. De visie van het AMC staat namelijk haaks op de onderzoeksuitkomsten van het PBC. Dat acht Philip O. grotendeels ontoerekeningsvatbaar, terwijl de PBC-onderzoekers maar een paar uur met de moordenaar hebben gesproken.

Maar de psychiater van het AMC heeft vastgesteld dat Philip O. niet meer psychotisch was en dat zijn psychisch ziekzijn niet meer op de voorgrond stond, toen hij verlof kreeg en in de metro zonder enige reden op mijn broer was gaan insteken.

Hoe kan dit?

Spinnijdig

Als ik het aan de officier van justitie voorhoud, is ze niet alleen verbaasd. Ze is zelfs spinnijdig. Waarom zijn we niet eerder naar haar toe gekomen met die informatie, krijgen we als verwijt naar ons hoofd.

Dat kan het OM toch niet serieus menen? Na alle vergeefse moeite die we hebben gedaan om met de officier van justitie in contact te komen… Zij is het die ons al die maanden heeft laten zitten en niet te woord heeft willen staan. En nu dit?

Ik ontplof. Het stoom komt uit mijn oren. Justitie heeft zich overduidelijk niet -zoals wij – bij het AMC over het gedrag van de dader laten informeren. Zelfs nu we de inlichtingen van de AMC-psychiater met de officier delen, is zij zelf nog altijd niet van plan om een poging te ondernemen. De officier vindt dat verspilde moeite: het AMC is ronduit spaarzaam in het verstrekken van informatie aan justitie over O. Beroepsgeheim. Normale communicatie tussen OM en AMC blijkt volstrekt onmogelijk.

Ik ben geschokt dat de privacy van een moordenaar kennelijk belangrijker is dan het delen van informatie om herhaling te voorkomen en een juist rechtbankvonnis te verkrijgen.

Doodslag

Maar dat is nog niet alles. Tijdens dit tweede gesprek geeft de officier van justitie ook aan om bij de aanstaande rechtszaak tegen O. slechts voor doodslag te zullen gaan omdat ‘er onvoldoende bewijs is voor moord’. Onze advocaat had ons daar al op voorbereid, maar desondanks valt die mededeling mij rauw op het dak.

De officier heeft een strafeis in gedachten die ze eerst nog wil toetsen bij haar collega’s. “De eis zal tussen de vijf en acht jaar gevangenisstraf en tbs zijn”, voorspelt ze.

Ik ben met stomheid geslagen. Zo’n gruwelijke moord en dan zo’n lage straf? Waarom? Ik kan niet bevatten dat het OM niet voor moord gaat! En dat met een dader die voorgaand aan het misdrijf van alles heeft opgezocht op internet.

Voorbereidingen

Philip O. heeft voor de moord op Joost nota bene geprobeerd om online uit te vinden waar hij wapens kon verkrijgen, wat het verschil tussen doodslag en moord is en hoe hij aan een pro deo-advocaat kon komen. Valt dat niet onder het treffen van voorbereidingen? Is dit dan geen moord met voorbedachten rade? Iedere vezel in mijn lijf verzet zich tegen het feit dat deze officier O. niet wegens moord wil aanklagen. En wat ik al evenmin begrijp is dat zij er dan voor kiest om met zo’n lage strafeis te komen, terwijl op doodslag maximaal vijftien jaar cel staat. Moet de levensgevaarlijke O. dan niet uit de maatschappij worden gehouden?

We leggen de officier ook voor dat we het vreemd vinden dat we in geen van de stukken iets lezen over de rol van de reclassering. Noch in het politiedossier, noch in het PBC-rapport hebben we er iets over terug kunnen vinden. Hield de reclassering geen toezicht op O.? Hij was tenslotte voorwaardelijk in vrijheid gesteld na zijn voorlaatste delict.

Bovendien; het AMC meldde ons dat zij wel degelijk met reclasseringsmedewerkers overleg over O. hadden gehad. De reclassering was dus niet uit beeld. Het doet ons vermoeden dat er in het dossier van de reclasseringsdienst iets over overleg met AMC moet zijn terug te vinden.

Verhaal

Maar de officier heeft weer haar eigen verhaal. Volgens haar worden voorwaarden opgeschort wanneer iemand gedwongen wordt opgenomen, zoals met O. was gebeurd. Trekt de reclassering haar handen dan volledig van de dader af, informeren we. “Feitelijk wel”, reageert ze.

Mijn mond valt alweer open van verbazing, vooral bij wat ze daarna nog opmerkt. We moeten ons vooral niet zoveel voorstellen van die voorwaarden en van de rol van de reclassering, gaat de officier van justitie verder. Dat ziet er eigenlijk alleen op papier erg goed uit, luidt haar uitleg.

Het OM neemt de reclassering dus totaal niet serieus. En de voorwaarden stellen in de kern helemaal niets voor. Ontluisterend! De Nederlandse bevolking wordt immers dagelijks een heel ander plaatje voorgespiegeld!

Straffen

We gaan nog even door met onze vragen. We hebben geconstateerd dat het allemaal niet soepel is verlopen met de eerder straffen die aan O. zijn opgelegd. Was het niet de taak van het OM om die straffen ten uitvoer te leggen? Wat heeft de officier van justitie met die feiten gedaan, vragen we haar.

“Niets. Het is niet mijn taak om dat uit te zoeken”, antwoordt ze. Om vervolgens te benadrukken dat ze alleen kijkt naar het misdrijf dat Philip O. nu heeft gepleegd en naar de straf die daarbij hoort.

Alweer vinden we dat moeilijk om te begrijpen. Ondanks alle schijn dat er in het verleden heel veel niet goed is gegaan met de strafopleggingen, legt het OM dat in het geheel naast zich neer. Voor ons nabestaanden is het simpelweg niet te verteren.

Intern onderzoek

Last but not least laten we justitie weten het nogal raar te vinden dat de strafzaak tegen O. al staat gepland. We weten namelijk dat het AMC een intern onderzoek heeft ingesteld naar alles wat er rond O. is gebeurd en dat de uitkomsten door de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd worden beoordeeld.  Kunnen daar misschien nog resultaten uit voort komen die belangrijk zijn voor de strafmaat, willen we weten.

Ook dat vindt de officier van justitie niet belangrijk. Het neersteken van Joost staat op camerabeelden, dus er valt volgens haar weinig meer te onderzoeken.

Gedesillusioneerd staan we even later weer buiten. We kunnen nu alleen nog maar hopen dat de rechters binnenkort, tijdens de inhoudelijke behandeling van de strafzaak tegen O. een veel hogere straf zullen opleggen dan het OM in gedachten heeft.

Na een paar dagen besluiten we om toch opnieuw met het AMC in gesprek te gaan. Als justitie dat onderzoek dan niet zelf wil doen, dan doen wij het werk van het Openbaar Ministerie wel. Het voelt als onze enige kans om de twee totaal verschillende beelden die er over de moordenaar van onze Joost bestaan, opgehelderd te krijgen.

*Over vier weken kun je lezen hoe het Saskia en haar familie verder is vergaan in hun strijd om de waarheid boven water te krijgen.

Steun de website Femke Fataal

Vond je dit een goed artikel? Laat dan je waardering blijken met een kleine bijdrage. Je kunt me ook met een vaste, maandelijkse bijdrage steunen. Dan kan ik onderzoek doen en schrijven en kun jij mijn verhalen blijven lezen. Dankjewel!

2 REACTIES

  1. Mijn respect gaat uit naar de nabestaanden van een geweldmisdrijf.
    Zij ondervinden naast hun verdriet om hun geliefde, veel onbegrip
    daarna in de rechtbank. Misschien niet altijd maar als het gebeurd
    is het er al een teveel. Dat richt veel extra verdriet aan bij nabestaanden!
    Er wordt meer begrip en bezorgdheid geuit naar een dader.
    En nabestaanden moeten het zelf maar uitzoeken.
    Voor heel veel mensen is dat moeilijk te verteren.

  2. Saskia zoals je begrijpt verbaast jouw verhaal mij niet. Na honderden rechtszaken, criminelen, Ovj’s gesproken te hebben weet ik hoe scheef de aandacht verdeeld is. Alle aandacht naar de dader, zeer weinig naar het slachtoffer. Ook hier gaat het gezegde van Cruyff op: je ziet het pas als je het doorhebt, Jan Bouman, psycholoog, schrijver.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.