Onzinnige verwijten en klassenjustitie in zaak Borsato

6267
Foto ter illustratie. Afbeelding van Tumisu via Pixabay

In de Marco Borsato-affaire is in media en talkshows tot mijn grote ergernis allerlei onzin verkondigd over slachtoffers en het doen van aangifte bij zedenfeiten. Bovendien is het in mijn ogen onbestaanbaar dat deze zaak met voorrang door het OM wordt opgepakt, terwijl tal van mijn cliënten al tijden in grote onzekerheid verkeren.

Wat gebeurde er de afgelopen dagen?

Niet gehinderd door enige kennis over de psychische en juridische procedure die slachtoffers van zedenzaken dienen te doorlopen, roeptoeterden tal van sprekers zichzelf op tv en in de krant in de schijnwerpers. Wie clickbait wil scoren, verkondigt al gauw ‘dat het waanzin is dat slachtoffers niet sneller aangifte deden’ van zulke feiten. Want, is de redenering, dat doe je toch meteen als zoiets je overkomt?

Kookpunt

Zulke verwijten hoor ik ook van de zijde van een verdachte nogal eens voorbijkomen. Als het daarbij gaat om een juridisch verweer, dan is daar weinig op aan te merken. Maar wanneer zulke beschuldigingen worden gedaan om de aangeefster/aangever te gronde te richten, gaat mijn bloed werkelijk naar het kookpunt.

Auteur van deze column is de Rotterdamse slachtofferadvocaat Nelleke Stolk.

Een tijdje geleden werd in mijn bijzijn zelfs naar voren gebracht dat een slachtoffer vanwege het feit dat ze pas na enkele maanden een EMDR-behandeling onderging, ‘niet schadebeperkend had gehandeld’. De aangerichte schade kon zodoende niet voor rekening komen van de ‘arme’ verdachte, was het argument.

Je gelooft het niet. Maar het gebeurt.

Praktijk

In deze column schets ik aan de hand van een voorbeeld hoe het er in praktijk aan toe gaat wanneer iemand slachtoffer wordt van een zedenmisdrijf. Ik laat je zien waar een slachtoffer doorheen moet en welke beslissingen er genomen dienen te worden.

Neem nu de zaak van de zestienjarige Francien* die door een paar vriendinnen werd uitgenodigd voor een feestje. Omdat haar vriendinnen en klasgenoten er ook waren, vonden de ouders van Francien het oké dat hun dochter naar het partijtje ging. Maar helaas liep het festijn voor Francien uit op een afschuwelijke gebeurtenis.

Het was gezellig, er werd wat gedronken, maar Francien had zich plotseling niet lekker gevoeld. Ze werd zelfs echt ziek en kon zich nauwelijks meer bewegen.

Geholpen

Gelukkig werd ze geholpen door iemand die haar naar de bovenverdieping bracht en op een bed legde. Wat fijn, nu kan ik even bijkomen, kon Francien nog net denken. Maar haar redder in nood had andere intenties. Hij vergrendelde de slaapkamerdeur, liep naar Francien en kleedde haar uit.

Afbeelding ter illustratie. Afbeelding van cocoparisienne via Pixabay

Van binnen schreeuwde Francien dat ze dit niet wilde. Maar hoe ze ook gilde, er kwam geen geluid over haar lippen. Ondertussen ging hij door. Hij deed een condoom om en verkrachtte haar. Toen hij klaar was, liep hij weg en liet zijn slachtoffer op bed achter. Francien werd een tijdje later versuft door haar vriendinnen aangetroffen, terwijl ze zich probeerde aan te kleden. Het kon niet anders, zeiden de vriendinnen tegen elkaar, of Francien had iets verkeerds gegeten of misschien te veel alcohol gedronken.

Schaamde

Wat nu? Francien schaamde zich enorm. Waarom had ze hem niet tegen kunnen houden? Had ze echt te veel gedronken? Had ze misschien geflirt met de jongen en verkeerde hij in de veronderstelling dat hij dit wel mocht doen? Had ze een te kort rokje gedragen?

Francien vertelde het tegen haar beste vriendin. Ze slaagde er echter niet in de jongen goed te beschrijven en kon slecht reproduceren wat er precies was gebeurd.

Franciens vriendin belde het Centrum Seksueel Geweld. Al de volgende ochtend kon het meisje langskomen voor onderzoek en een gesprek. Haar vriendin mocht mee. De dokter vertelde Francien dat hij kleine verwondingen zag. De arts nam een zedenkit af om eventuele dna-sporen veilig te stellen. Die werden niet aangetroffen, de dader had immers een condoom gebruikt.

Confronterend

Wat er volgde, was zwaar en confronterend voor Francien. Ze kreeg een uitgebreid zedenonderzoek waarbij zij inwendig en uitwendig geheel werd bekeken. Iedere vrouw zal het beamen; alleen een uitstrijkje laten afnemen, is al niet prettig. Laat staan dat je als tiener na een zeer traumatische gebeurtenis die een verkrachting is, ook nog eens zo’n onderzoek moet doorstaan. Na afloop diende Francien bovendien meteen een schema op te halen waarin was vastgelegd wanneer zij de prikken tegen eventueel opgelopen soa’s moest halen.

Francien kreeg een korte uitleg over het doen van aangifte bij de politie. Zoals veel andere slachtoffers werd ze verwezen naar een piketadvocaat.

Slachtofferadvocaten

Er zijn slechts enkele slachtofferadvocaten die direct contact hebben met een slachtoffer en die helpen bij het maken van een beslissing om al dan niet aangifte te doen.

Vaak is er dan ook op korte termijn een informatief gesprek met twee gecertificeerde zedenrechercheurs. Deze politiemensen geven tekst en uitleg over het doen van aangifte, over de (on)mogelijkheden van een onderzoek en wellicht over de juridische procedure die na de aangifte volgt.

Foto ter illustratie. Afbeelding van Sasin Tipchai via Pixabay

Dat is veel informatie die een slachtoffer dient te verstouwen. Bovendien is dit alles emotioneel bijzonder belastend. In zedenzaken kan het erg gecompliceerd zijn om goed vast te kunnen stellen of er iets gebeurd is en wat er gebeurd is.

Onderbouwd

Voor het slachtoffer mogen de gebeurtenissen duidelijk zijn, zulke feiten dienen ook te worden onderbouwd met bewijs. Als je eenmaal aangifte hebt gedaan, bevind je je op een rijdende trein waar je niet zomaar uit kunt stappen. Een slachtoffer dient dus een proces te doorlopen waarbij goed moet worden nagedacht en afwegingen moeten worden gemaakt. Waar begin je aan, wat is je doel en kan dat doel wel bereikt worden met een aangifte?

Ondertussen ziet het slachtoffer zich omringd door een kring van mensen. Stel je voor: je kent deze mensen niet, maar zij willen de intiemste details van je weten. Dat terwijl jij allerlei vragen hebt, grote onzekerheden kent en ook nog eens kampt met gevoelens van schaamte en het idee dat de schuld misschien wel bij jou ligt.

Weken

Na het informatieve gesprek met de recherche hebben slachtoffers een aantal weken de mogelijkheid om na te denken over wat zij willen. Zij hebben te horen gekregen hoe lastig het onderzoek kan zijn. Bovendien weten zij dat als zij aangifte van het zedenfeit doen, de kans bestaat dat een verdachte gehoord gaat worden. Daar komt bij dat zij hoogstwaarschijnlijk nóg een keer hun pijnlijke verhaal moeten vertellen, ditmaal bij een rechter. Wéér een persoon die het slachtoffer niet kent.

Dan is er ook nog de duur van het geheel. Er kan veel tijd verstrijken aleer een zedenzaak wordt opgepakt. Maar hoe zit het dan met bepaalde bewijzen? Zijn die dan nog te vinden? Er is bovendien te weinig capaciteit; te veel zaken en te weinig mensen met kennis en de juiste opleiding.

Teruggekoppeld

Zelfs wanneer het onderzoek is begonnen, duurt het erg lang voordat slachtoffers iets teruggekoppeld krijgen. Die terugkoppeling kan bestaan uit het bericht dat er te weinig bewijs is of dat het slachtoffer nogmaals gehoord dient te worden.

Ga er maar aanstaan!

Ondanks al die complexe en psychisch zeer belastende stappen besloot de zestienjarige Francien om aangifte te doen. Haar zaak kwam in handen van goede rechercheurs die haar geruststelden en op de hoogte hielden. Wegens capaciteitsproblemen werd de aangifte helaas pas na acht maanden opgepakt en startte het onderzoek. Een half jaar later kwam het dossier op het bordje van het OM dat diende te beslissen over strafrechtelijke vervolging.

Opgenomen

Het verhaal van Francien bleek goed opgenomen in de aangifte. De vriendin had uitstekend gehandeld: er werd immers letsel aangetroffen gevonden. Bovendien leverde nader onderzoek op kleding en lichaam wél dna op van de dader.

Foto ter illustratie. Photo by Tingey Injury Law Firm on Unsplash

Hij ontkende aanvankelijk te zijn geweest en beweerde later – na confrontatie met de sporen – dat Francien zelf had gewild. Gelukkig was bij het slachtoffer tevens bloed afgenomen. Daaruit bleek dat het meisje was gedrogeerd en helemaal niet meer in staat was geweest om aan te geven wat zij wilde.

De dader werd veroordeeld tot twee jaar – net zo lang als de hele procedure had geduurd. Mooie uitkomst, zou je denken. Dat is het inderdaad in lastig bewijsbare zaken als deze. Maar Francien is inmiddels emotioneel op. Toen ik haar vroeg of zij weer aangifte zou doen, zei ze openhartig dat het allemaal zo lang had geduurd, dat zij de zaak niet had kunnen afsluiten.

Kwijtgeraakt

“Ik ben vriendinnen kwijtgeraakt die me niet geloofden”, aldus Francien. “En ik ben lastig gevallen door vrienden van de dader omdat ik zou liegen. Tijdens de zitting gaf zijn advocaat aan dat mijn verklaring allesbehalve betrouwbaar was. De raadsman betichtte me er zelfs van dat ik ‘andere psychische klachten’ had. Aan zijn cliënt kon het niet hebben gelegen, beweerde hij. Dat in een zaal vol mensen die mij niet kenden. De schaamte, het verdriet en de boosheid kwamen weer terug. Alsof ik voor een tweede keer verkracht werd.”

Volgens Francien zou ze niet weer aangifte zou hebben gedaan, als ze dit alles had geweten. Iedereen die haar heeft geholpen deed wat zij konden. Maar in Franciens ogen werkt het systeem bepaald niet mee aan het verwerkingsproces dat slachtoffers doorlopen.

Keuzes

Slachtoffers van zedenmisdrijven dienen veel keuzes te maken, terwijl er op dat moment slechts onzekerheden bestaan over de procedure die zij in gang hebben gezet.

Denk ook aan hun gevoelens die daarbij meespelen. Je hebt als slachtoffer iets meegemaakt dat je tot in het diepst van je wezen heeft geraakt en heeft veranderd. Je slaapt niet meer, eet niet meer, durft niet meer naar buiten en je schrikt van het minste of geringste. Je vertrouwen in andere mensen is weg.

Afbeelding ter illustratie. Afbeelding van John Hain via Pixabay

Ondertussen heeft iedereen een oordeel: Je móet aangifte doen! Je zult het zelf wel gewild hebben! Waarom ga je dan ook naar een feestje? Waarom heb je niet geschreeuwd of hem van je af geduwd? En waarom doe je dan niet direct aangifte?  En dan je ouders, wat moeten zij wel niet denken. Hoe leg je hun uit wat er gebeurd is? De schaamte en onzekerheid blijft.

Doorverwezen

Uiteindelijk meld je je bij de huisarts, want het gaat niet langer zo. Je wordt doorverwezen, want het vermoeden bestaat dat je psychische klachten het gevolg zijn van het gepleegde zedenfeit. Vervolgens beland je op een wachtlijst. Want ook dáár is er een tekort aan deskundigen. Je wacht, probeert door te gaan, je hoofd boven water te houden. Dat is moeilijk. Bizar moeilijk zelfs.

Het blijft stil. De twijfel slaat nog harder toe. Werken ze wel aan mijn zaak, ik hoor maar niets, schiet er door je hoofd. Wat gebeurt er met de bewijzen? Wordt mijn aangifte wel serieus genomen? Had ik maar geen aangifte gedaan, dan kan ik het gewoon vergeten.

Borsato

En dan, als uit het niets, is daar het nieuws in de zaak Borsato. Een bekende Nederlander die wordt beschuldigd van vermeende feiten met een jong meisje.

Je ziet mensen op tv roepen dat een slachtoffer in zo’n situatie meteen aangifte moet doen. Leken die oordelen en veroordelen, maar ze weten van niets. Alsof dat nog niet genoeg is, lees je een paar dagen nadien in de krant dat het Openbaar Ministerie de Borsato-affaire met voorrang oppakt ‘vanwege de maatschappelijke impact’.

Foto ter illustratie. Afbeelding van czu_czu_PL via Pixabay

Wellicht kun je je indenken waarover slachtoffers als Francien zich deze dagen het hoofd breken. ‘Mijn zaak doet er dus niet toe? Ik loop nu al een jaar tegen problemen aan, maar mij wordt verteld dat er geen mensen zijn die mijn zaak kunnen oppakken. Ben ik niets waard? Wie beschermt mij? Had ik maar geen aangifte gedaan’.

Justitie

Als slachtofferadvocaat in hart en nieren kan ik het Francien en haar lotgenoten niet meer uitleggen. Want uiteraard verdienen hun zaken dezelfde aanpak, met dezelfde snelheid. Wellicht kan justitie deze mensen vertellen waarom dat niet gebeurt?

*Omwille van de privacy van het slachtoffer is de naam ‘Francien’ gefingeerd.

Steun de website Femke Fataal

Vond je dit een goed artikel? Laat dan je waardering blijken met een kleine bijdrage. Je kunt me ook met een vaste, maandelijkse bijdrage steunen. Dan kan ik onderzoek doen en schrijven en kun jij mijn verhalen blijven lezen. Dankjewel!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.