Schuldig tot het tegendeel is bewezen?

2150
De auteur van deze column: strafrechtadvocaat Bo Maenen.

In het Nederlandse strafrecht kennen we de zogeheten onschuldpresumptie. Dat fundamentele beginsel brengt met zich mee dat verdachten niet hun onschuld hoeven te bewijzen. Zij zijn onschuldig tot het tegendeel is bewezen.

Verder is het zo dat het Openbaar Ministerie bepaalt wie strafrechtelijk wordt vervolgd. Het OM moet daartoe met een compleet onderzoeksdossier komen. Tot zover een duidelijke rolverdeling.

Kwijtgeraakt

Op papier, tenminste. Want in praktijk blijkt dat op het moment dat iemand wordt vervolgd, dit vrijwel meteen flinke gevolgen kan hebben. Verdachten die een tijd in voorarrest zitten en die later worden vrijgesproken, zijn ondertussen meestal hun inkomen, baan, huis en sociale contacten kwijtgeraakt. Een schrale schadevergoeding van tachtig euro per dag vanwege onterechte detentie compenseert al dat leed bij lange na niet.

Daarnaast ervaren verdachten die uiteindelijk worden vrijgesproken, vaak toch een zekere vijandigheid vanuit de samenleving. ‘Waar rook is, is vuur’, redeneert hun omgeving al gauw. Die stigmatisering had voor een van mijn cliënten – een brandweerman die werd vrijgesproken van opzettelijke brandstichting – tot gevolg dat hij naar een nieuwe baan op zoek kon. Al zijn collega’s keken hem namelijk scheef aan.

Stempeltje

Zodra het Openbaar Ministerie strafrechtelijke vervolging start, wordt iemand aangemerkt als verdachte. Sommige strafzaken kunnen jaren duren maar al die tijd houden mensen het stempeltje ‘verdachte’.

De voortvarendheid waarmee een strafzaak wordt behandeld is afhankelijk van veel zaken. Daarbij spelen bijvoorbeeld de agenda’s van alle betrokken partijen, de onderzoekscapaciteit bij de diverse instellingen en rapporten van derden mee.

Wachtlijst

Het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) heeft de laatste tijd voor sommige onderzoeken een behoorlijke wachtlijst. Strafzaken komen daardoor langdurig stil te liggen, met allerlei gevolgen voor verdachten.

Zo ook in de zaak van een jonge vrouw die ik bijsta en die wordt verdacht van kindermishandeling.

Vorige zomer was haar dochtertje flink ziek geworden en was mijn cliënte met haar kind naar het ziekenhuis gegaan. Daar werden naast een fikse verkoudheid ook blauwe en rode vlekken geconstateerd. Het ziekenhuis maakte er melding van bij de politie.

Ontkent

Vanaf het eerste moment heeft de jonge moeder meegewerkt aan de onderzoeken. Zij ontkent haar dochter te hebben mishandeld. Maar het Openbaar Ministerie heeft haar aangemerkt als verdachte en een strafrechtelijk onderzoek tegen haar geopend.

Inmiddels heeft de rechtbank bepaald dat een arts moet worden aangewezen die de plekken van het kind moet beoordelen en onderzoeken. Deze opdracht werd al in augustus vorig jaar bij het NFI uitgezet.

Maanden

Inmiddels zijn we zeven maanden verder en is er door de werkachterstand bij het NFI nog altijd geen forensisch arts aangewezen die een rapport gaat schrijven in de zaak van mijn cliënte. Het NFI kan zelfs niet aangeven wanneer dat gaat gebeuren. Het staatslab sluit niet uit dat het nog maanden in beslag gaat nemen.

Waar de strafzaak door toedoen van het NFI dus stilligt, is de Raad voor de Kinderbescherming uiterst actief ten opzichte van mijn cliënte.

Met drastische gevolgen. Direct na de melding van het ziekenhuis is het dochtertje van mijn cliënte uit huis geplaatst. De moeder mag haar kindje welgeteld één uur per week onder begeleiding zien.

Ongedaan

Ondanks het feit dat de strafzaak volledig is gestagneerd en er geheel niet is vastgesteld dat cliënte iets verkeerd heeft gedaan, is het bij de civiele rechter nog niet gelukt om de uithuisplaatsing ongedaan te maken.

Het mag duidelijk zijn: voor mijn cliënte komt van de onschuldpresumptie feitelijk niets terecht.

Mocht deze vrouw straks in de strafzaak worden vrijgesproken, dan is zij misschien wel een jaar lang van haar dochter gescheiden geweest. Dat is niet alleen emotioneel zwaar voor mijn cliënte, het kan ook tot hechtingsproblematiek bij haar minderjarige kind leiden.

Kindermoordenaar

En hoewel deze vrouw nog steeds geen strafrechter heeft gezien, wordt zij door de buitenwacht uitgemaakt voor kindermoordenaar en is haar aangeraden om vooral nooit meer zwanger te worden.

De Nederlandse onschuldpresumptie is een prachtig uitgangspunt. Maar de praktijk wijst uit dat verdachten zich maar al te vaak moeten verdedigen op een manier alsof zij hun onschuld moeten bewijzen. Met soms rampzalige en levenslange gevolgen.

Steun de website Femke Fataal

Vond je dit een goed artikel? Laat dan je waardering blijken met een kleine bijdrage. Je kunt me ook met een vaste, maandelijkse bijdrage steunen. Dan kan ik onderzoek doen en schrijven en kun jij mijn verhalen blijven lezen. Dankjewel!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.