Cognitieve bias, tunnelvisie en gerechtelijke dwalingen

5055
Corine de Ruiter, hoogleraar forensische psychologie aan de Universiteit Maastricht.

Wat is ‘bias’ en waarom gebruik je geen Nederlandse term voor dat woord, vroeg een vriendin die Nederlands heeft gestudeerd me onlangs.

Het antwoord is simpel. Er bestaat geen Nederlands woord voor dit begrip. Google Translate vertaalt het als ‘vooroordeel’. En dat geeft de betekenis niet goed weer.

Om misverstanden te voorkomen daarom eerst de definitie. Bias, of cognitieve bias, verwijst naar systematische fouten in het menselijke proces van oordelen en besluiten nemen. Nobelprijswinnaars Daniel Kahneman en Amos Tversky (1974) waren de eerste onderzoekers die zulke vormen van bias identificeerden.

Processen

Biases zijn het gevolg van de manier waarop de mens informatie verwerkt en zeer snel categoriseert. Dit worden ook wel ‘heuristieken’ genoemd. Heuristieken fungeren als een vorm van supersnel en intuïtief redeneren. Deze processen zijn niet alleen maar negatief, want ze helpen de mens om informatie in hoog tempo te verwerken en te categoriseren en daardoor snel tot een beslissing te komen.

Zonder heuristieken, zou het menselijke informatieverwerkingssysteem in het brein snel overbelast raken, omdat elke situatie dan als een nieuwe gebeurtenis verwerkt zou moeten worden.

Bron: Radial diagram of Wikipedia’s cognitive bias list, by jm3. https://commons.wikimedia.org/wiki/File:Cognitive_bias_codex_en.svg

Inmiddels bestaat er zelfs een Cognitive Bias Codex met 188 cognitive biases ondergebracht in categorieën. Veel van deze cognitieve biases zijn extreem relevant voor besluitvorming door de rechter. Dat geldt ook voor de hele procesgang die daaraan voorafgaat, zoals keuzes in het opsporingsonderzoek, de wijze waarop de politie verdachten en getuigen hoort en het gedragskundig onderzoek bij de verdachte door een psycholoog of psychiater. Ik noem een paar voorbeelden.

Tunnelvisie

‘Confirmation bias’ is de menselijke neiging om informatie die overeenstemt met de eigen verwachtingen te zoeken, aandacht te geven en beter te herinneren. Dat is een automatisch en onbewust proces dat vooral optreedt in emotioneel beladen situaties. In een opsporingsonderzoek kan dit serieuze repercussies hebben, omdat er tunnelvisie door ontstaat. De politie gaat zich in die situatie al vroeg in het opsporingsonderzoek richten op één specifieke verdachte en neemt aan de dader te pakken te hebben, in plaats van alle opties open te houden.

Confirmation bias is aangetoond in experimenteel onderzoek: Eric Rassin en collega’s (2010) lieten bijvoorbeeld zien dat rechtenstudenten die een casus voorgelegd krijgen, zich voornamelijk laten leiden door hun eerste indruk over de schuld of onschuld van de verdachte. Zij gaan sterk uit van een ‘schuldig-scenario’ naarmate het een ernstiger misdrijf betreft.

Kinderdodingen

Een voorbeeld van een zaak waar ik zelf bij betrokken was als getuige-deskundige, zijn de Purmerendse kinderdodingen.

De jonge moeder Kim werd volgens haar advocaat Esther Vroegh vanaf het begin door de politie aangemerkt als de dader van de moord op haar twee slapende kinderen. Een quote van advocaat Vroegh, afkomstig uit HP/De Tijd:  “Kim bleef tot het zevende verhoor zeggen dat ze het niet gedaan had, dat er een ander was, maar daar werd geen enkel geloof aan gehecht. Het werd niet eens onderzocht. Een voorbeeld. Twee dagen na de moord is Kim voorgeleid. Ze zei toen meteen: ik kan Bennie omschrijven, kan er geen compositietekening gemaakt worden? Daar werd door niemand op gereageerd. Ze heeft het nog meermalen aangegeven, maar vergeefs.”

Uiteindelijk bekende Kim onder extreme druk van de politie dat zij haar kinderen had gedood. Pas als Kim bekende – was haar door de recherche voorgehouden – mocht zij haar dode kinderen nog één keer zien, voordat ze gecremeerd zouden worden.

Valse bekentenis

Uit het psychologisch onderzoek dat ik bij Kim uitvoerde bleek klip en klaar dat zij uitsluitend had bekend om aan de druk te ontsnappen. In vakjargon wordt dat een afgedwongen valse bekentenis (‘coerced false confession’) genoemd.

Nadat Kim afscheid had genomen van haar omgebrachte kinderen, trok de jonge moeder haar bekentenis onmiddellijk in. De politie heeft nooit serieus onderzoek gedaan naar de man die volgens Kim de dood van haar zoontje en dochtertje op zijn geweten heeft. Kim kreeg in hoger beroep vier jaar gevangenisstraf en tbs met dwangverpleging door het gerechtshof in Amsterdam opgelegd. De vrouw heeft de dodingen altijd ontkend.

Anjum

Een andere strafzaak waarbij confirmation bias een gevaarlijke rol heeft gespeeld is die van Marjan van der Eijk (1945-2020). Marjan werd op kerstavond 1997 in haar pension in het Noord-Friese dorp Anjum aangehouden, nadat de plaatselijke houthandelaar Ernst B. de politie had getipt.

B. vertelde de politie dat Marjan een gemeenschappelijke kennis, Louw de Jong, had vermoord en hem had gevraagd om te helpen met het wegwerken van het lijk. Hij gaf bovendien aan dat er een half jaar eerder een ander stoffelijk overschot was begraven naast het pension dat Marjan sinds ongeveer een jaar runde.

Het strafdossier in de zaak van Marjan is geanalyseerd in het kader van het Maastrichtse Project Gerede Twijfel, waarin tot een onthutsende conclusie wordt gekomen: Marjan van der Eijk is veroordeeld op bewijs dat op belangrijke punten niet klopt.

Waar

Kort gezegd komt de conclusie erop neer dat de rechter in deze zaak de verklaringen van Ernst B. en die van een andere aangever, Pieke H., voor waar houdt zonder alle informatie die daarmee in strijd is in overweging te nemen.

Het gerechtshof in Leeuwarden veroordeelde Marjan op 17 november 1998 tot zes jaar gevangenisstraf plus tbs voor de moord op twee mannen. Marjan bleef betrokkenheid bij de moorden altijd ontkennen.

In 2006 verrichtte ik een psychologisch onderzoek bij Marjan om te kijken of de diagnose ‘psychotische stoornis’, die door het Pieter Baan Centrum (PBC) was gesteld, juist was. Ook psychiater professor Rob van den Bosch deed een onafhankelijk onderzoek naar haar geestesgesteldheid.

Uitgegaan

We kwamen allebei tot dezelfde conclusie: Marjan was niet psychotisch en was dat ook in het verleden nooit geweest. De deskundigen van het PBC die haar in het verleden hadden onderzocht, waren louter uitgegaan van een schuldig scenario, hadden vervolgens beredeneerd dat Marjan dan wel psychotisch moest zijn geweest en gaven dat als verklaring voor de delicten.

Over de rol van dubieuze, gedragskundige rapportages in deze zaak schreven we in december 2007 samen met professor Anne Ruth Mackor een opiniebijdrage in de Volkskrant. In 2012 werd Marjans tbs niet meer verlengd en kreeg ze eindelijk tijd om zich grondig in de vele meters van haar strafdossier te verdiepen. Ze stierf echter plotseling in januari 2020. Dat terwijl Marjan en haar advocaat juist in de maanden daarvoor hard hadden gewerkt aan de voorbereiding van een herzieningsverzoek bij de Hoge Raad.

Vrouwen

Ik weet niet of het toevallig is dat ik als gedragsdeskundige juist twee vrouwen ontmoette die het slachtoffer werden van een dubieuze veroordeling. Ik noem het bewust ‘dubieuze veroordelingen’ en géén ‘gerechtelijke dwalingen’ omdat in deze zaken niet is vastgesteld dat de rechter een onjuiste beslissing heeft genomen.

Er zijn geen Nederlandse statistieken van gerechtelijke dwalingen, er is alleen casuïstiek. Maar toch, als ik denk aan Nederlandse gerechtelijke dwalingen komen onmiddellijk de namen van twee vrouwen naar boven: Ina Post en Lucia de Berk.

Natuurlijk, er zijn ook mannen (bewezen) het slachtoffer geworden van justitiële dwalingen: Kees B. in de Schiedammer Parkmoord, en Wilco Viets en Herman Dubois in de Puttense moordzaak. Maar mannen zijn ook relatief veel vaker verdachte van een geweldsdelict. Zo was de man-vrouwverhouding van geregistreerde verdachten van geweldsmisdrijven over 2019 in totaal 35.010 tegenover 5.050, een verhouding van zeven op één. Ik vraag me af of vrouwen, in verhouding tot mannen, vaker slachtoffer worden van cognitieve bias en een falend rechtssysteem.  

Desastreuze

Ieder mens heeft last van cognitieve bias zoals tunnelvisie. In strafzaken kan dit echter desastreuze gevolgen hebben wanneer onschuldige mensen erdoor achter de tralies belanden terwijl de echte daders vrijuit gaan. In de forensische psychologie wordt de laatste jaren steeds meer wetenschappelijk onderzoek gedaan naar strategieën die kunnen helpen om bias tegen te gaan. Daarover meer in een van mijn volgende blogs.

*Meer lezen van Corine de Ruiter? Haar vorige bijdrage over de vraag of vrouwelijke misdadigers strenger worden bestraft, kun je hier teruglezen.

Steun de website Femke Fataal

Vond je dit een goed artikel? Laat dan je waardering blijken met een kleine bijdrage. Je kunt me ook met een vaste, maandelijkse bijdrage steunen. Dan kan ik onderzoek doen en schrijven en kun jij mijn verhalen blijven lezen. Dankjewel!

2 REACTIES

  1. Heel fijn om eindelijk een onderbouwd artikel te lezen die een verkeerde denkwijze verklaart. De laatste jaren hebben we enkele zaken voorbij zien komen, met als grootste dwaling de Arnhemse villamoord. Ton Derksen is een Nederlandse wetenschapsfilosoof die beweert dat er veel meer dwalingen zijn. Ik ben hier ook van overtuigd. Bij een dwaling kan men het een rechter niet kwalijk nemen als er onderzoekfouten zijn gemaakt. Hooguit dat hij bij zijn beslissing teveel de kant kiest van het OM die met beeldvorming vaak via de media hun gelijk gaan aangeven. Nooit hoor je dat een onderzoeksleider bij een zaak waarvan later blijkt dat het een dwaling is daarvoor het veld moet ruimen. De leider van het onderzoek in de villamoord geeft zelfs al jaren les op de politieacademie. Motivatie om in de toekomst voorzichtiger te werk te gaan wordt daarom niet ondersteund.
    Afgelopen week werd mij dit weer voor de zoveelste keer duidelijk bij de rechtszaak van een getraumatiseerde asielzoeker die uit het niets de 18 jarige Rik doodstak. Hier ligt de fout dan wel niet bij de politie maar bij anderen zwaarwegende deskundigen.
    Avonds in het programma RTL boulevard vroeg John van den Heuvel zich af waarom mensen die dergelijke foute onderzoek beslissingen nemen niet vervolgd worden. Het beland na een onderzoek meestal onder op een stapel. Ik ben het helemaal met John eens.

  2. De onwil om echte (diagnostische) feiten over te nemen, zien we heel vaak bij jeugdbeschermingszaken, waar in 95% gewoon de wens van de jeugdbescherming wordt ingewilligd. We weten echter dat daar hypocognitie en confirmation bias een grote invloed heeft (https://vechtscheidingen.jimdofree.com/wetenschap/mythen-bij-jeugdzorgmeten/ ) tegen de uitspraak LJN BD1113 van de Centrale Raad van Beroep (2008) in, en dat zelden of nooit de recente wetenschap wordt meegewogen dat een beschermingsmaatregel voor het kind ook ernstig schadelijk en dus onveilig blijkt te zijn.
    (De brief aan rechtbanken lijkt niet de kinderrechters te hebben bereikt: https://kinderbescherming.jimdofree.com/brieven/brief-aan-tweede-kamer-2011/aan-rechters-wetenschap-meewegen/ ).

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.