‘Je broer is doodgestoken’

2653
Saskia Wolters

Zaterdag 1 juli 2017. De dag waarop ik mijn broer Joost voor de allerlaatste keer zie. Hij komt gezellig bij ons langs, met zijn vriendin Annemiek en hun zoontje. Samen lachen, lekker eten, even met de kinderen naar de speeltuin. Een dag zoals we die vaker met elkaar doorbrengen. 

Mijn naam is Saskia Wolters. Ik ben 39 jaar oud, moeder van twee kinderen en ik ben werkzaam in de jeugdzorg. Ruim 2,5 jaar geleden verloor ik mijn broer Joost door een moord. Een ingrijpende gebeurtenis die mij nog elke dag bezighoudt.

De komende tijd schrijf ik elke maand een column op Femke Fataal. Ik neem jullie mee naar de achtbaan waarin ik als nabestaande belandde. En ik beschrijf de enorme blunders door diverse instanties. Fouten die maakten dat de moordenaar van mijn broer vrij kon rondlopen.

Wakker

Het is de avond van donderdag 27 juli 2017. Ik schrik wakker.

Hoorde ik de deurbel? Hoe laat is het? 23.30 uur. Wat een gekke tijd om aan te bellen. Ik maak mijn man wakker en vraag of hij wil kijken wie er aan de deur staat. Er gaat van alles door mijn hoofd. Al snel hoor ik dat het mijn ouders zijn. Vreemd. Zij wonen bepaald niet in de buurt. Dit kan niet veel goeds betekenen.

Ik word geroepen en loop naar beneden. Tal van scenario’s schieten door mijn hoofd. Mijn moeder staat in de woonkamer. Ze kijkt me aan. “Ga zitten”, zegt ze. “Het is vreselijk. Joost is dood.”

Stilte.

Ik realiseer me nauwelijks wat mijn moeder zojuist heeft gezegd. ‘Joost is dood’.

Iedereen

Ik vraag welke Joost ze bedoelt. Iedereen kan tenslotte doodgaan, maar niet ónze Joost. Mijn moeder vertelt dat Joost eerder op de avond om het leven is gebracht. In de metro in Amsterdam. Neergestoken. De dader is direct opgepakt. Meer weet ze niet en meer weet de politie ook niet.

‘Joost is dood’. Langzaam dringen de woorden tot me door. Ik val van mijn stoel op de grond. Ik kan alleen gillen. “Nee! Dit kan niet waar zijn! Dit kan niet waar zijn!”

Een nacht vol paniek en angst volgt. Ruimte voor verdriet is er nog niet. Wat is er gebeurd? Hoe heeft dit kunnen gebeuren? Wie heeft dit gedaan en waarom? Allerlei vragen spoken door mijn hoofd. Van slapen komt weinig.

Ongeloof

Hondsmoe word ik de volgende morgen wakker. Nog steeds vol vragen en in totaal ongeloof. Ik loop ik naar beneden, naar mijn ouders die zijn blijven logeren.

Ik realiseer me dat mijn dochtertje van bijna drie zo wakker wordt. Hoe moet ik haar dit vreselijke nieuws vertellen? Hoe leg je een peuter uit dat de oom op wie zij zo gek is, is doodgestoken?

Ik neem haar op schoot. Tranen stromen over mijn wangen. Joost is doodgegaan, leg ik haar uit. “Mama, papa en ook opa en oma zijn daar heel verdrietig om en moeten daarom huilen.”

“Dood? Net als de mug?”, vraagt mijn dochter die zich herinnert hoe we een dag eerder een mug doodsloegen. Ik slik mijn tranen weg. “Ja, lieverd. Net als de mug.”

Beschrijven

De dagen die volgen zijn nauwelijks te beschrijven. Vol ongeloof en onzekerheid wachten we op het moment dat we Joost mogen zien. Omdat het weekend is en er maar weinig forensisch pathologen beschikbaar zijn, duurt het ruim drie dagen alvorens zijn lichaam wordt vrijgegeven.

Het wachten duurt een eeuwigheid. Ik ben hoogzwanger en raak in paniek, want in de nacht van zaterdag op zondag voel ik mijn kindje niet meer bewegen. Ik ben zo bang dat het niet goed gaat, dat ik de verloskundige bel. Snel komt ze langs. Het is loos alarm, gelukkig. De baby lijkt zich stil te houden door de enorme shock waarin ik verkeer.

Zondag mogen we eindelijk naar Joost. Een afschuwelijk moment. Hij is meerdere keren gestoken, maar hoe hij eruitziet weten we niet. Ik ben op van de zenuwen en uitgeput door slaapgebrek.

Nieuwtje

Een van de familierechercheurs – kauwgom kauwend, handen in zijn zakken – laat weten dat ‘ze een nieuwtje hebben’. “De dader heeft een ‘spychiatrisch’ verleden”, zegt hij.

Wat een timing, bedenk ik me. En wat een woordkeus. Een nieuwtje! Alsof we het niet over de moordenaar van mijn broer maar over de ontsnapte kat van de buren hebben.

Meer te weten komen over de dader en de toedracht, is voor ons essentieel. Maar helaas heeft de politie niet meer te melden dan dit.

Bedroevend

De communicatie met de familierechercheurs verloopt bedroevend slecht. Op de vragen die we hebben, weten zij geen antwoord te geven. Of de familierechercheurs laten weten eerst navraag te moeten doen bij hun collega’s om daarna niets meer te laten horen.

Ook de afspraak dat we eerst worden geïnformeerd voor er een persbericht naar buiten gaat, komt de politie meerdere keren niet na.

Het is nog maar het begin van een reeks bizarre ervaringen met instanties die ons als nabestaanden te wachten staat…

Steun de website Femke Fataal

Vond je dit een goed artikel? Laat dan je waardering blijken met een kleine bijdrage. Je kunt me ook met een vaste, maandelijkse bijdrage steunen. Dan kan ik onderzoek doen en schrijven en kun jij mijn verhalen blijven lezen. Dankjewel!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.