Nabestaanden lang niet altijd welkom in de rechtszaal

623
Auteur van deze column is de Rotterdamse advocaat Nelleke Stolk.

Wat is je rol als je slachtoffer of nabestaande bent in een strafzaak? Dat leg ik je als slachtofferadvocaat graag uit.

In mijn werk sta ik slachtoffers van ernstige gewelds- en zedenfeiten en nabestaanden die een dierbare hebben verloren door moord of doodslag bij. Dat zijn zware en vooral zeer emotionele feiten waarmee mensen te maken krijgen en mee moeten dealen. Het geeft beslist voldoening om mensen in zo’n moeilijke periode van hun leven te helpen maar het kan tegelijkertijd ook veel frustratie opleveren.

Procesdeelnemer

Mijn cliënten dienen weliswaar vaak een vordering in, maar zij zijn verder geen procespartij in het strafproces tegen de verdachte. Alleen voor het gedeelte dat ziet op de schadevergoeding zijn zij partij. Slachtoffers en nabestaanden zijn ‘procesdeelnemer’, zoals dat zo mooi verwoord wordt.

Je kunt een strafzaak vergelijken met een soort voetbalwedstrijd tussen het Openbaar Ministerie (OM) en de verdachte met zijn of haar advocaat. De rechters zijn de scheidsrechters: zij zorgen dat de wedstrijd goed verloopt en nemen uiteindelijk een beslissing.

Wij – slachtoffers of nabestaanden met hun advocaat – mogen alleen even naar voren komen als er iets is wat voor ons van belang is. Daarna moeten wij het veld weer snel ruimen zodat iedereen verder kan. Volgens de wet zijn alleen het spreekrecht en de vordering tot schadevergoeding in ons belang.

Lastig

Natuurlijk is dat niet het belangrijkste, maar zo is het nu eenmaal geregeld. Dit is lastig te begrijpen voor slachtoffers en nabestaanden, maar helaas wel de werkelijkheid waarmee we moeten werken. Dat dit wringt mag duidelijk zijn.

Slachtoffers en nabestaanden hebben in een strafprocedure een aantal rechten. Je kunt dan denken aan het recht op informatie, soms het recht op een gesprek met de officier van justitie, in een aantal zaken het recht om te spreken en het recht om een schadevergoeding te vragen. En uiteraard hebben zij het recht om een zitting te mogen bijwonen.

Stel dat een dierbare om het leven wordt gebracht, iemands dochter of zoon, een zus of broer van iemand. Het is verschrikkelijk om een naaste te verliezen, zeker als dat gebeurt door het toedoen van iemand anders. Denk je in hoe het is om niet te weten hoe de laatste minuten van het leven van je kind, partner of ouder zijn geweest en wat hij of zij heeft gevoeld of gedacht.

Rollercoaster

Op dat moment kom je als nabestaande in een rollercoaster terecht.

Politie en OM zijn een strafrechtelijk onderzoek naar het misdrijf gestart. Zo’n onderzoek duurt vaak erg lang want er is veel tijd nodig om een goed dossier op te bouwen. Voor het gevoel van de nabestaanden neemt het áltijd te veel tijd in beslag; zij willen het verlies en verdriet om hun naaste kunnen verwerken en afsluiten.

*tekst gaat door onder de foto*

Foto ter illustratie. Photo by Tim Mossholder on Unsplash

Dat is moeilijk als je om de zoveel tijd nog geconfronteerd wordt met zittingen voor de rechtbank of onderzoekswensen van de verdediging. Maar zo is het wel: dit is nu eenmaal het recht en ook daar is voor ons als slachtofferadvocaten weinig aan te veranderen. We kunnen nabestaanden alleen voorbereiden, blijven informeren en proberen om hen met zo weinig mogelijk extra leed door een procedure te begeleiden.

Inhoudelijke

Na anderhalf tot twee jaar volgt dan eindelijk de zogeheten inhoudelijke rechtbankzitting, waarin daadwerkelijk wordt gesproken over wat is er gebeurd (althans, dat is de hoop). Al die tijd leef je als advocaat met de nabestaanden naar dat moment toe met vele gesprekken, voorbereiding en het opstellen van stukken. Ook dan worden de nabestaanden weer herinnerd aan wat zich heeft voorgedaan. Maar er is in die fase tenminste zicht op een einde, een soort van afsluiting.

Tegenwoordig moeten we als slachtofferadvocaten voor de aanvang van die zitting aangeven wie van de nabestaanden in de rechtszaal aanwezig willen zijn. Vanwege corona zijn ook wij daarin voorzichtig want de ruimte is beperkt. We houden vaak als richtlijn aan dat de directe naasten (kinderen en ouders, broers en zussen) die mogelijkheid moeten krijgen. Maar we zullen tevens ruimte proberen te vinden voor derden die belangrijk zijn voor de directe naasten.

Voorstel

De voorzitter van de rechtbank (een van de rechters) neemt op zo’n voorstel een beslissing. Dat gebeurt helaas vlak voor de zitting, we kunnen mensen dan ook nauwelijks voorbereiden op de uitkomst.

Bovendien verschilt het per rechtbank of gerechtshof hoeveel mensen toegestaan worden. En dan komt dus soms de grote klap. ‘Een gezin van acht? Nee, er mogen er slechts vijf aanwezig zijn’, luidt niet zelden de beslissing. Er is niet meer ruimte, wordt dan aangevoerd, en de rest moet maar via een skypeverbinding de zitting volgen. Terwijl dat lang niet altijd kan.

Let wel: nabestaanden hebben anderhalf jaar op de rechtszitting gewacht en dan mogen zij er niet bij zijn als gesproken gaat worden over wat hun omgebrachte naaste is aangedaan. Hoe leg je dat uit? ‘Je bent wel een naaste, maar ja, helaas nu even minder belangrijk’? Ik kan het niet verantwoorden waarom soms wel en soms niet coulant door de rechter wordt besloten.

Slachtofferhulp

Gelukkig sta ik er niet alleen voor en krijg ik de nodige hulp van de casemanagers van Slachtofferhulp en de slachtoffercoördinatoren. Maar als ook zij het veld moeten ruimen en een zitting niet mogen bijwonen, dan betekent dat ook nog eens dat ik als advocaat het juridische deel moet oppakken en tevens moet zorgen dat de nabestaanden goed opgevangen worden. Duidelijk is dat zoiets nauwelijks te doen is.

Vanzelfsprekend begrijp ik de voorzichtigheid, de beperking door de ruimte als gevolg van coronamaatregelen en de stelregel dat de rechtbank bepalend is in wat wel en niet is toegestaan. Maar ik begrijp niet waarom we pas een paar dagen voor de zitting bericht krijgen over wie wel of niet mogen komen en hoeveel mensen dat mogen zijn.

Nauwelijks

Voorbereiding is nauwelijks mogelijk, gezien de verschillen die zijn ontstaan per rechtbank en zelfs per zittingszaal. Ik probeer nu al ruim voordat een behandeling van een zaak plaatsvindt een helder antwoord te krijgen. Zoals ik in mijn vorige column schreef moet men dan wel op de hoogte zijn van een zittingsdatum.

Tegen de rechter zou ik willen zeggen: Meneer of mevrouw de voorzitter, probeer u in te voelen in slachtoffers en nabestaanden. Het is al zo’n belastende en emotionele tijd voor deze mensen. Laten we proberen om tijdige afstemming te hebben over de behandeling van de strafzaak, samen met de advocaat van de verdachte. Zo is voor iedereen duidelijk wat wel of niet mogelijk is en de partijen niet voor een verassing komen te staan. De schaduw die door zulke problemen wordt opgeworpen, is wat slachtoffers en nabestaanden het meest bijblijft. Dat moet toch anders kunnen?

Wil je meer lezen van slachtofferadvocaat Nelleke Stolk? Kijk dan ook even op deze pagina en lees haar vorige column over de rechten van slachtoffers.

Steun de website Femke Fataal

Vond je dit een goed artikel? Laat dan je waardering blijken met een kleine bijdrage. Je kunt me ook met een vaste, maandelijkse bijdrage steunen. Dan kan ik onderzoek doen en schrijven en kun jij mijn verhalen blijven lezen. Dankjewel!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.